N Ollie's taak

edithbertrand.com

.
.

Ollie's taak

Interview met Ollie, 18 april 2026

Inleiding

Voor dit eerste interview in het huis van Gemma en Ollie in Nieuw Zeeland, is Ollie gaan liggen tussen Gemma, die Ollie representeert, en de laptop, waarop Mirjam en ik verschijnen. Hij ligt precies tussen ons drieën in. 

Ollie hebben we in dit interview eerst gevraagd of hij over een bepaald onderwerp wil spreken. Hij geeft aan dat hij het over de mensheid wil hebben, en legt daarbij uit waarom. Dit heeft alles te maken met zijn taak op Aarde. Mensen zijn niet meer in contact met elkaar. Dieren hebben dit onderling wel behouden en werken samen. Mensen zijn dit kwijt geraakt. Hierdoor is ook het contact met de dieren verstoord geraakt. Dit fenomeen doet zich wereldwijd voor. De boodschap die hij heeft gaat over het herstel van het contact van mensen met elkaar en met dieren. Van daaruit zal een geheel andere samenleving opgebouwd kunnen worden, waarbij dieren een belangrijke rol zullen spelen. Maar dat zal nog even duren. Het herstel van contact is op dit moment het belangrijkste om ons op toe te leggen, vertelt Ollie. 

In het interview gaan we ook op zoek naar de verhouding van het bewustzijn waarmee we in dit gesprek in contact zijn, en de fysieke kat Ollie die we zien. Daarop komt een beetje zicht, maar dit wordt in dit eerste gesprek nog niet helemaal helder. Het bewustzijn waarmee we in contact zijn vind het prima Ollie genoemd te worden, maar is niet gebonden aan de fysieke kat Ollie, want vóór de fysieke Ollie was dit bewustzijn ook al bezig met deze boodschap. Wel is dit bewustzijn steeds gericht op katten, op de katten connectie. Het voelt voor dit bewustzijn, dat we Ollie noemen, als samen met alle dieren en samen met alle katten. Wel hebben andere diergroepen en ook andere kattengroepen andere taken hierin, maar in het geheel is alles uiteindelijk altijd samen.

Interview

Vraag: Kun je ons een seintje geven als je klaar bent voor een reactie?

Ja.

Vraag: Hebben we contact met Ollie?

Ja.

Vraag: Wil je zelf iets zeggen of zullen we jou vragen stellen?

Nee, vraag maar.

Vraag: Is er een specifiek onderwerp waar je op dit moment informatie over wilt geven?

Ik wil het over de mensheid hebben.

Vraag: Hoe komt de mensheid op dit moment op jou over?

Paniekerig. Ze zijn heel bang en dat is nergens voor nodig. Maar iedereen is bang en aan het vluchten. En niemand kijkt om zich heen. Heel bang. 

Vraag: In hoeverre kun jij waarnemen of je het over de mensheid in jouw omgeving hebt, of heb je het gevoel Nieuw Zeeland, of heel breed?

Nee, de hele wereld. Nieuw Zeeland is nog niet zo erg, maar op andere plekken, dat is erger.

Vraag: Als je zegt niemand kijkt om zich heen, kun je dat verder uitleggen?

Allemaal paniek en zo naar beneden kijkend. En ze lopen langs elkaar en door elkaar en er is niemand die even kijkt en stopt. Allemaal in hun paniek kruipen ze naar binnen.

Vraag: Als ik jouw beschrijving goed hoor, is niemand meer in contact.

Nee, geen enkel contact. Zo jammer.

Vraag: Ja, niet met zichzelf en niet met hun omgeving.

Nee, niet met elkaar. Zichzelf wel, maar is dat is alleen maar met zichzelf dus niet met elkaar. En ook niet met de dieren, dat zien ze niet meer.

Vraag: Ik zie wel heel veel mensen huisdieren hebben. Hebben ze daar contact mee? 

Dat snappen ze niet. De huisdieren zijn er wel maar de mensen snappen het niet. Ze snappen het idee niet. Ze hebben een huisdier want dat is leuk, maar dat voelen ze niet. Dat diepe contact, dat is er dan nog niet. De dieren werken hier heel hard voor.

Vraag: Die werken hard om dat contact te krijgen?

Ja, de dieren proberen dat contact te leggen. Net als ik, dat is mijn taak. Maar dat is hard werken. En de mensen willen het niet. Maar ze zien niet dat ze het missen.

Vraag: Ja, ze hebben helemaal niet het gevoel dat ze iets missen. Voor hun is hun zijn op dit moment hun normale zijn.

Ja, ze denken dat ze alles hebben, computers, telefoons, alles, al het mooie, alles nieuw. Maar ze missen het, ze zien het niet. En maar denken dat ze zo belangrijk zijn. En wij zijn er om de Aarde in stand te houden.

Vraag: Hoe doen jullie dat?

Door samen te werken. We werken samen. Dan is er een balans. Als je alleen zit, dan is die balans er niet.

Vraag: Als jullie zeggen, jullie willen dat mensen contacten leggen, hoe doe je dat dan? Want dat lijkt me heel moeilijk. (Ollie pakt deze vraag niet op zoals die bedoeld is, en denkt dat de vraag aangeeft dat het contact zelf iets lastigs is. Bedoeld echter was het leren van contact aan mensen.)

Nee, het is zo makkelijk. Gewoon lief zijn, is zo makkelijk. Het allemaal niet te moeilijk maken. Gewoon voor elkaar zijn, je hoeft niks. Niks doen, gewoon zijn.

Vraag: Als we dat contact zouden hebben, als we in contact zouden zijn, zou het leven er dan anders uit gaan zien?

Dat weet ik niet. Het is voor mij nooit zo geweest. Het is wel de bedoeling. Dat is waar we voor werken. Ik weet dat dat het is waar we naar werken. Maar ik zie het zelf niet want dat heb ik nooit meegemaakt. 

Dit is ver voor mijn tijd dat we dat hadden. Het was ooit zo. We hadden heel veel contact, maar dat was voordat ik kwam. Toen was ik er nog niet, dus ik heb het niet meegemaakt. Maar ik hoor dat het heel mooi is. Dan gaat het soepel en er is heel veel harmonie. Prachtige verhalen, prachtig.

Vraag: Hoor je die verhalen van andere dieren?

Van andere katten want die waren er. Die hebben het gezien. Die waren er dichtbij. Duizenden jaren geleden, dat is zo lang geleden. Maar toen was ik er nog niet. Dat had ik wel willen meemaken. 

Vraag: Sinds wanneer ben jij er dan ongeveer?

500 jaar? Ja, ik ben wel belangrijk. Ik ben er al even. Ik ben groter dan je denkt.

Vraag: Kun je daar wat meer over vertellen?

Wat is er te vertellen? Ik ben er. Dit is mijn taak en daar doe ik heel veel in. Daar heb ik veel in bereikt.

Vraag: Heb je al veel bereikt?

Ja, maar op een klein niveau. Het is niet groot. Ik wil het groter.

Vraag: Bedoel je dan Gemma?

Ja. Maar het gaat verder en daar heb ik hulp bij nodig. Dat kan ik zelf niet. Ik heb hulp nodig om mijn stem naar buiten te krijgen. Want ik zit hier met één iemand en dat is geweldig, maar dat is maar één iemand. Daar verander je de wereld niet mee. Dat moet meer. Er moeten meer mensen bij.

Vraag: Kan het voor jou belangrijk zijn dat wij jou helpen om die stem -

Oh ja. Daarom zijn we hier. Daar heb ík voor gezorgd was. Jullie dachten dat het júllie idee was.

Vraag: Jazeker, wat ontzettend fijn om te horen. Wij willen jou hier heel graag bij helpen. Wij zijn heel dankbaar dat wij dit mogen doen.

Ik ben zo blij dat jullie dit doen. Dit heb ik zo lang geprobeerd, generaties geprobeerd en niemand wou dit doen of alleen maar kleinschalig. Niemand wou dit aannemen. Ik ben zo dankbaar.

Vraag: Waarom wou niemand het aannemen?

Dat is teveel werk. Ze denken dat het niet nodig is. Ze zien het probleem niet. En dan zijn ze bang en dan denken ze dat het niet gezien wordt en dan doen ze het niet. Maar het kan wel.

Vraag: Dus jij hebt al generaties lang deze taak.

Ja. En ik kom er maar niet, want ik krijg geen hulp van jullie. Ik heb mensen nodig en mensen hebben mij nodig.

Vraag: Heb je Gemma mee uitgezocht om deze -

Ja, en  jullie, dat gaat samen, jullie zijn samen. Maar Gemma is belangrijk want die komt mij helpen. Die luistert. Dat is zo belangrijk, luisteren. Daar begint het mee. Want als je luistert, dan kun je daarna praten en dan kun je samen komen. Maar als je niet luistert, dan ga je nergens. Ja, ik ben Ollie en ik ben belangrijk.

Vraag: Dus Ollie, als je zegt: luisteren is zo belangrijk, is dat dan de eerste taak? Vind je dan dat dat de eerste taak is die wij zouden moeten doen, dat er mensen -

Naar mij luisteren.

Vraag: Naar jou gaan luisteren?

Eerst naar mij luisteren want ik heb zoveel te zeggen. Maar je moet wel vragen. Daarbij heb ik hulp nodig. 

Vraag: Deze boodschap van contact gaan maken, hiermee probeer je al heel lang mensen te bereiken.

Ja.

Vraag: Ben jij de enige nu?

Oh nee, we zijn met zoveel, zoveel.

Vraag: Vertel je dat er op zich meer dieren zijn die proberen op deze manier contact met mensen te -

Ja. Ik doe voornamelijk katten nu. Maar ik denk dat er zeker andere dieren zijn. Maar ik zie katten. Ik ben van de kattenwereld. Dat is mijn wereld. Wat de paarden weten, dat moet je aan de paarden vragen, die proberen het ook hoor. Maar daar zie ik niks van, dat ken ik niet.

Vraag: Katten zijn in het oude Egypte heilige dieren geweest.

Ja, die Egyptenaren waren slim. Die zagen dat.

Vraag: Kregen die boodschappen van katten door?

Ja, dagelijks. Wij waren zo belangrijk voor ze. We hielpen ze. Daarom hebben ze ooit fantastische dingen gedaan, door de informatie die van ons kwam. Ja, die wisten hoe belangrijk we waren. Ze wisten dat, ze zagen dat.

Vraag: Dat wil zeggen dat jij ook veel informatie kunt geven?

Ja, ik ben een doorgeefluik. Het is makkelijker om naar mij te luisteren dan naar hoger. Dat is lastig. Dat is lastig te horen als je dat niet kent. En ik ben makkelijker om te horen door jullie. En ik hoor het hogere wel. Maar je moet het wel vragen, anders hoor ik het niet. Je moet het wel vragen, specifiek.

Vraag: En anders hoor je het niet. We moeten dat even stimuleren dat die informatie -

Ja.

Vraag: Sta jij in verbinding met alle katten of meer met een deel van de katten?

Alle katten, alle katten. Ze staan allemaal met elkaar in verbinding. Daar zit geen scheiding in, is allemaal samen. Ze zijn allemaal deel van één, allemaal deel van Aarde. Dat is allemaal samen. Er is geen scheiding. Tussen verschillende dieren zit ook geen scheiding. Het is allemaal samen. Er is mijn taak, dat is een aparte taak erin. En dan doe je jouw taak. Je hoeft je niet te bemoeien met andere taken. Niet zo om je heen kijken. Gewoon: dit is jouw taak en je staat samen. Maar het is iemand anders die andere dingen doet. Dat hoef ik niet. Als ik daarmee bezig ben, met wat die ander doet, dan kan ik mijn taak niet doen. Dat is net als jullie doen: dan ben je bezig, bezig. Nee, dit is jouw táák, daar moet je mee bezig zijn, dat is je leven. Andere dingen gewoon laten. Dat is belangrijk.

Vraag: Dus als ik het goed begrijp, is de kattenwereld belangrijk voor jou. Dat is jouw zijn. Je beschrijft de taak die jij hebt. Is die taak specifiek voor jou als kat?

Nee, zoveel katten, heel veel katten. Dit is zo belangrijk. Dat kan ik niet alleen. Andere katten doen andere taken, maar heel veel met de mensen. Ook oudere mensen zijn belangrijk. Die gaan straks weg maar die hebben wel hulp nodig, anders zijn ze alleen. Dat kan niet, alleen zijn kan niet.

Vraag: Wat bedoel je met: oudere mensen zijn belangrijk en hebben hulp nodig?

Die zijn alleen. Familie gaat weg, en dan ben je alleen. Dat kan niet. Je moet samen zijn. Dan zijn wij er. Als mensen er niet willen zijn, dan zijn wij er.

Vraag: Jullie zijn er echt ook om dat gat op te vangen van al die mensen die geen contact meer hebben of bijna geen contact meer hebben?

Ja, iemand moet het doen. Dat vinden wij fijn. Dat kunnen wij. Dat kunnen andere dieren niet zo. Dat kunnen wij wel. Dus dat is onze taak. Zo wordt dat verdeeld. Daar zijn wij goed in, dus dat doen we. Andere beesten zijn met andere dingen goed, dus dat doen zij. Dat zijn allemaal heel specifieke taken. Er is niks belangrijker dan een ander, is allemaal belangrijk. Je kunt en doet waar je goed in bent, en dat doe je dan heel goed. En dit doen wíj goed. Wij doen mensen goed. Andere dieren doen de Aarde heel goed, doen goede dingen voor de Aarde. Die zijn er niet voor mensen, die zijn er voor de Aarde. Wij zijn er voor de mensen.

Vraag: Wat opvalt is dat mensen heel vaak katten hebben of honden. Deel je die taak dan ook met honden of hebben honden daar -

Nee, andere mensen hebben andere dingen nodig. Kattenmensen hebben ons nodig, want die hebben ons nodig, die moeten mensen hebben.[1] Hondenmensen hebben energie nodig, die zijn stil, die hebben energie nodig. Kattenmensen niet, die hebben rust nodig, die hebben de connectie nodig. Dat is een heel andere taak. Dus dat is een andere type mensen. Dat is niet hetzelfde. En het is ook een andere levensstijl. Je hebt kattenmensen die later hondenmensen worden, en andersom ook. Dat is wat ze dan nodig hebben. Maar dat is iets heel anders[2]. We hebben allemaal onze eigen plek.

Vraag: Is het correct om aan te nemen dat jij je heel erg bewust bent van niet alleen jouw taak, maar ook waar je vandaan komt en wat je allemaal gedaan hebt, want je vertelt dat je hier al heel lang mee bezig bent.

Ja, met één taak. Dat is allemaal hetzelfde[3]. Dat jullie niet zo lang leven, dat maakt niet uit. Het is gewoon één belangrijke taak. En dan komen en gaan mensen, maar dat is mijn taak en ik blijf hier totdat hij goed is, totdat hij klaar is. Dan zijn jullie al lang weg, maar ik blijf hier wel. Ik zorg voor mijn taak.

Vraag: En dat kan door eigenlijk bijna alle katten in de wereld op Aarde?

Heel veel, heel veel. Sommige hebben andere taken, niet allemaal hetzelfde. Maar heel veel zijn er voor de mensen want daar is hulp nodig.[4]

Vraag: Ollie, wij noemen jou Ollie? 

Ja. 

Vraag: Ollie, voor ons is het nieuw, voor jou is het nieuw. Wil je ons aangeven als het voor jou voldoende is op dit moment?

Ja, het zal klaar zijn. Het is veel zo voor jullie. Het is veel om in te nemen. 

Vraag: Ik heb nog een vraag. Kijk maar of die dan past vandaag of niet. Is er een manier waarin wij als fijnstoffelijk groepje persoonlijk energie kunnen geven aan de taak die de katten hebben, dat we daarbij een ondersteuning kunnen geven?

Ja, vertellen. Jullie moeten een verhaal vertellen. Daarom zijn jullie hier. Een verhaal gaan vertellen. En dat begint heel klein. Maar een verhaal vertellen. Daarbij hebben we hulp nodig. Dat heb ik nu zo lang zelf geprobeerd, maar nu heb ik hulp nodig. En jullie luisteren. Jullie kunnen dat. 

Vraag: Je hebt het lang zelf geprobeerd en zegt: nu heb je hulp -

Ja, jullie luisteren. Jullie luisteren. Mensen willen niet. Het is teveel. Horen me en dan luisteren ze niet. Dit is een grote taak. Ik vind jullie heel belangrijk en heel lief, jullie luisteren. Dat is lief.

Vraag: Wij zijn hier helemaal stil van.

Ja, ik ook. Ik heb zo lang gewacht hierop, zolang. Er is zoveel dat jullie nog niet weten. Dat komt wel. Er is zoveel te vertellen. 

Vraag:  Ik weet niet of jij je dat kunt voorstellen, maar voor ons is het een hele klus om goede vragen te stellen.

Ja, dat komt wel als je meer leert. Beetje bij beetje. Dat hoeft niet teveel. Teveel is teveel en dan gaat het niet meer in. Het moet beetje bij beetje.

Vraag: Ollie, ik heb een website en daar ben jij -

Ja, daarom zijn we hier.

Vraag: Oké, dit mogen we op de website gaan delen.

Ja, dat is belangrijk. Dan komen we er uit. Dan raken we andere mensen aan. Niet veel, niet veel mensen. Maar dat komt. Dat heeft tijd nodig. Dat komt. Het is goed zo. Belangrijk om dat te doen. Gewoon doen, is belangrijk. Toch maar doen. 

Vraag: Dankjewel. Tot de volgende keer mogen we zeggen, hè Ollie?

Ja, ik ben er wel. Ik ga nergens naar toe.

 

[1] Hier zegt Ollie in feite dat deze mensen voor wie de katten zijn, eigenlijk menselijk contact nodig hebben, maar als dat er niet is, zij dit invulling geven. 

[2] Wat katten te geven hebben en wat honden te geven hebben is iets heel anders.

[3] Ollie vertelt hier dat hij al zijn hele leven van zo’n 500 jaar met dezelfde taak bezig is.

[4] Hier komt opnieuw het onderwerp ter sprake rond het bewustzijn waarmee we in gesprek zijn en zijn relatie met de kattenwereld. In feite zijn grote groepen katten er voor mensen, maar niet allemaal, zegt Ollie hier. 

copyright © Edith Bertrand 2026

Information icon

We hebben je toestemming nodig om de vertalingen te laden

Om de inhoud van de website te vertalen gebruiken we een externe dienstverlener, die mogelijk gegevens over je activiteiten verzamelt. Lees het privacybeleid van de dienst en accepteer dit, om de vertalingen te bekijken.