.
.
Ik ben het altijd
Interview met Ollie, 19 september 2026
Inleiding
Vanaf dit vierde interview met Ollie zijn Gemma en ik alleen, zonder Mirjam, die helaas afscheid heeft moeten nemen van het ‘groepje fijnstoffelijk’.
Ik leg me erop toe de vragen in het Engels te stellen, omdat Gemma aangaf dat Ollie niet altijd de juiste woorden vond in het Nederlands, de taal die we de eerste drie interview hebben aangehouden.
In dit interview proberen we kort een algemeen beeld van de situatie van de Aarde en de mensen te krijgen, en hoe mensen zichzelf kunnen helpen om meer met hun hogere zelf verbonden te raken. Ollie vertelt ook over de kinderen van deze tijd, die deze verbinding van nature al sterk hebben.
Op diepere lagen zijn we allemaal heel sterk met elkaar verbonden. Ollie vergelijkt dat met zichzelf: Gemma is op haar vakantie al vaak Ollie’s tegen gekomen, katten die ze niet kende, maar die horen bij het hogere bewustzijn dat we Ollie zijn gaan noemen. Iedereen komt Ollie-katten tegen, we zijn het ons alleen niet bewust. Hierop duidt de titel, die een uitspraak uit dit interview van Ollie zelf is. Ook voor mensen geldt, vertelt Ollie, dat er veel meer van dezelfde zijn dan wij weten.
We komen terug op het onderwerp krachtdieren. De haai en de orka, die ik als vraag de vorige keer heb laten liggen, komen kort aan bod.
Ook proberen we nog wat meer zicht te krijgen op het bewustzijn waarmee we communiceren.
Veel leesgenoegen.
Interview
Vraag: Ik wacht wel.
Ja, ik ben er klaar voor.
Vraag: Heb ik contact met Ollie?
Ja, dat heb je.
Vraag: Ollie, ik ga proberen Engels tegen je te spreken. Je mag altijd Engels spreken, ook al gebruik ik soms Nederlands.
Oké. Hij zegt in het Nederlands dat het raar is. Dus we zullen wel zien hoe het gaat. Misschien schakel ik halverwege weer over.
Vraag: Ja. Ollie, Gemma heeft een behoorlijk lange vakantie gehad. Wat viel je op aan haar toen ze terugkwam?
Het was goed voor haar. Ze had dat nodig om zichzelf te vinden en weer tot zichzelf te komen. Om met andere mensen te praten en erop uit te gaan, uit haar schulp te kruipen en weer tot zichzelf te komen. Ze had die verbinding nodig en ze had daar de tijd voor nodig. Ze had een lange tijd weg nodig, weg van het leven, weg van de stress.
Vraag: Als je dit zegt, heb ik het gevoel dat je Gemma dan vanuit een hoger perspectief bekijkt?
Ja.
Vraag: Maar ik vraag me ook af hoe de kat Ollie het ervaart, of hij een verschil voelt?
Ze is veel rustiger. Ze is minder gestrest. Minder gestrest op het werk.
Vraag: Ja. Kan Ollie, de kat, dat ook voelen?
Ja.
Vraag: Hoe was de periode met Peter voor de kat?
O, ik vond het leuk. Hij was aardig. Hij was rustig, net als zijn hond. Hij was aardig. Ik mocht hem graag. Ik heb het naar mijn zin gehad.
Vraag: Ik vraag me af of zo’n periode voor jou, of je nu als kat of als ziel Ollie bent, ook een leerproces is, of werkt dat op jouw niveau niet zo?
Ik hoef niet te leren. Dit was niet voor mij. Dit was puur voor Gemma. Ik bevind me op een ander niveau.
Vraag: Je hebt veel katten waarop je invloed uitoefent, die onder jouw invloed staan. Is het oké dat ik je, als hoger bewustzijn, een ziel noem? Of hoe moet ik dat niveau noemen, gewoon hoger bewustzijn? Ziel? Welk woord moet ik gebruiken?
De hogere Ollie, geen ziel. Ik ben de hogere Ollie.
Vraag: Hogere Ollie, is een ziel iets anders?
Ja, een ziel is iets anders. Ik ben geen ziel. Ik sta hoger dan een ziel. Ik ben groter. Dat is veel om te begrijpen voor jou. Dus we houden het bij de hogere Ollie. Dat laat zien hoe hoog ik sta. Gemma heeft tijdens haar reizen andere versies van mij ontmoet, andere Ollie’s. Ze heeft andere katten ontmoet en die waren ook mij. Er zijn er heel veel van ons.
Vraag: O, dat is heel fijn om te horen. Voelden die katten of Gemma dat op de een of andere manier aan?
Ja, bij sommigen van hen, niet allemaal. Maar bij veel van hen wel. Ze wist dat ze die verbinding wilden. Ze vroeg het me niet, maar ze wist dat ze op zoek waren naar die verbinding. Maar ik ben het altijd.
Vraag: En jij ben het altijd… Zijn er in haar eigen omgeving ook meer Ollie-katten?
Er zijn heel veel Ollie-katten. Ze komt ze ook op haar werk tegen. Er zijn heel veel Ollie-katten.
Vraag: Dus ze komt je in de loop van haar leven best vaak tegen, in allerlei kattenvormen?
Ah, ja. Ik ben er altijd voor iedereen. Iedereen komt me voortdurend tegen. Ze weten het alleen niet.
Vraag: Soms hebben mensen een krachtdier. We hebben de vorige keer over krachtdieren gesproken. Je vertelde ons dat er dieren zijn voor de Aarde en dieren voor mensen. En als een dier een krachtdier is, dan moet het een dier voor mensen zijn. Katten zijn voor mensen, maar ik heb nog nooit gezien dat ze in het Westen als krachtdier worden gebruikt.
Ze staan te dicht bij de mensen. Mensen zouden ze als krachtdieren te veel vermenselijken. Het krachtdier moet een beetje mysterieus zijn. Katten en honden zijn voor mensen niet langer mysterieus. Dus kunnen we geen krachtdieren zijn. We staan te dicht bij hen. Dat is dus een andere functie. We horen daar niet bij. Wij zijn anders. Wij maken deel uit van de mensen. We helpen hen, maar op een andere manier dan krachtdieren dat doen.
Vraag: Ik begrijp het. Krachtdieren staan in hun rol als krachtdier net iets verder van de mensen af. Je zei dat vissen voor de aarde zijn en haaien voor de mensen. Kun je me vertellen welke functie haaien voor de mensen hebben?
Haaien zijn er om te eten. Ze eten veel en mensen hebben dat nodig, dat ze opruimen. Als ze eten, ruimen ze dingen op. Ze eten veel van het afval in de oceaan op. Mensen produceren veel afval en de haaien eten dat op. Ze eten ook vis en zo, maar dat is niet belangrijk. Ze ruimen het afval op, ze eten het afval op. En ze speuren. Ze vinden het. Ze zijn goed in het vinden van dingen. Ze zijn als speurhonden van de zee. Ze vinden dingen die gevonden moeten worden en waar iets mee gedaan moet worden. Daar zijn ze echt goed in. Ze hebben een goede neus, haaien, het zijn echte speurders. Ik zou dat eigenlijk geen ‘neuzen’ moeten noemen, het zijn speurders. Maar ze kunnen dingen vinden.
Vraag: Ja, maar een haai is toch geen krachtdier?
Nee.
Vraag: En een orka?
Orka’s zijn krachtdieren. Orka’s zijn dapper, machtig en dapper. Daar kun je ze om vragen.
Vraag: Oké. De vorige keer vroeg ik naar vliegen en muggen en je zei dat we dat een andere keer zouden doen. Dat maakt me nieuwsgierig.
Vandaag niet.
Vraag: Oké, bedankt. Gemma is dierenarts. Ze werkt met dieren in haar beroep. Heeft ze hierin een speciale rol als dierenarts?
O ja, ze kan met ons communiceren. Veel dierenartsen kunnen dat niet. Zij behandelen alleen wat ze zien, maar zij kan communiceren. Ze kan echt luisteren naar wat we nodig hebben. Dat is een grote hulp voor ons. Zij kan daar niet altijd iets aan doen. Dat moet ze nog leren, want vaak hebben we iets nodig waar zij ons niet mee kan helpen maar de eigenaar wel. Maar ze moet dat wel aan hen vertellen, en dat is eng, want dan laat je jezelf zien en ben je heel kwetsbaar. Dus dat zal tijd kosten. Ze hoeft dat nu nog niet te doen, maar ze komt er wel. Op een dag zal ze onze stem zijn, onze stem op Aarde. Maar nu is ze te bang om haar stem te laten horen. Dus daar gaan we eerst aan werken. Eerst haar eigen stem, dan onze stem.
Vraag: Ja. Dus wat je me vertelt is dat ze soms ook al weet dat de manier waarop een dier wordt behandeld, het ziek maakt?
Niet zozeer dat. We hebben andere dingen nodig dan wat zij kan bieden. Soms gaat het dus om aandacht of onze omgeving. Maar vaak is het de interactie met mensen waar iets aan gedaan moet worden. En de mens moet naar ons luisteren en zij kan ons daarbij helpen. We hebben het hier dus niet over het fysieke. Dat doet er niet toe.
Vraag: Ja. Dat is nogal wat, dat zou een grote verandering zijn in vergelijking met haar huidige baan, die zich alleen op het fysieke niveau afspeelt.
Ja, heel anders.
Vraag: Je vertelde ons dat je een boodschap voor mensen hebt. Ik kan me niet voorstellen hoe mensen open kunnen gaan staan voor dit soort informatie, omdat ze het zo druk hebben met andere dingen en op zo’n ander niveau denken. Ik kan me niet voorstellen hoe ze open kunnen staan voor nieuwe informatie.
Dat kunnen ze niet. Het moet van binnenuit komen. Ze moeten bereid zijn om te zien. Maar eerst moeten ze aan zichzelf werken voordat ze zich voor ons kunnen openstellen. Het is veel. Dit is iets voor de lange termijn. Het zal niet snel worden opgelost. Wij zijn hier. We zijn hier al heel lang. We zullen hier nog heel lang blijven. Mensen moeten het rustiger aan doen. Ze moeten tot zichzelf komen. Ze moeten luisteren. Ze moeten hun hart openen, en dan kunnen we ze bereiken. Maar dat vergt tijd en moed.
Vraag: Er komt nu informatie naar deze wereld dat de energieën rondom deze planeet in positieve zin snel aan het veranderen zijn. Weet je hier iets van?
Ik kan het zien. Er is op dit moment veel roze rondom de aarde. Ik zie veel roze, een beetje paars. Ik maak hier geen deel van uit, maar ik zie de veranderingen een beetje. Ik zie het van een afstand. Ik weet niet wat ze doen, maar ik zie dat het anders is en dat het goed is. Het is prachtig, prachtige kleuren. En er gebeurt veel. Er is veel energie rondom de aarde.
Vraag: Zijn dat relatief nieuwe energieën? Omdat je ongeveer 500 jaar leeft, kun je zien dat dit nieuw is?
De afgelopen 200 jaar is het veel meer geworden. We hebben de afgelopen 200 jaar veel meer hulp gekregen. En het wordt nu steeds meer. Maar toen is het begonnen, of begon het aan te zwellen. Het is er altijd al geweest, maar toen werd het sterker.
Vraag: Je zegt dat de verandering van binnenuit moet komen, bij de mensen zelf. Zijn deze energieën die nu op de planeet beschikbaar zijn, zullen ze dit proces van binnenuit in gang zetten, of speelt dat zich op een ander niveau af?
Ja, daar hebben we ze voor ontworpen. We kunnen helpen. We plaatsen overal kleine hulpjes. En mensen kunnen ervoor kiezen om daarop in te spelen – om een teken, een gevoel of een gedachte op te pikken. We plaatsen ze er voortdurend, maar mensen moeten ervoor kiezen om erop in te spelen. Dat deel is aan hen. Dus ja, er zijn veel dingen die we op de Aarde plaatsen, maar we kunnen ze niet rechtstreeks op mensen plaatsen. We kunnen ze vlak voor mensen leggen, maar zij moeten ervoor kiezen om ernaar te kijken en het aan te nemen.
Vraag: Dus de verandering van binnenuit is een verandering waarvoor iemand zich zelf moet openstellen?
Ja.
Vraag: Als een actieve, bewuste keuze – het gebeurt niet zomaar van binnenuit?
Voor veel mensen gebeurt het onbewust. Het kost nog steeds inspanning en ze moeten dingen veranderen, maar ze zullen zich er niet altijd van bewust zijn dat ze aan het veranderen zijn. Ze zullen terugkijken en zeggen: „Tien jaar geleden was dit anders” of „Ik was anders.” Maar het is niet altijd een bewuste keuze die ze maken: „Vandaag ga ik dit anders doen.” Zo werkt het niet. Ze leven gewoon hun leven en beetje bij beetje pikken ze dingen op en veranderen ze het heel langzaam en geleidelijk. Ze merken het misschien niet, maar het gebeurt wel.
Vraag: Ik begrijp het. Als ik zeg dat dat ook meer op astraal niveau plaatsvindt, is dat dan correct of is dat iets anders?
Nee, dat is hetzelfde, ja.
Vraag: Klopt het dat mensen voortdurend met elkaar communiceren op dit astrale niveau, los van het fysieke niveau?
Ja, dat doen we. We weten het alleen niet. Mensen zijn zich hier niet van bewust, maar ja, het gebeurt voortdurend.
Vraag: Dus als ik bijvoorbeeld op mijn werk ben, is het dan waar dat ik met de mensen op mijn werk op verschillende niveaus communiceer, ook op astrale niveaus, over mijn werk, over het werk dat we doen?
Nee. Je communiceert op het niveau waar je je bevindt. Dus je fysieke lichaam communiceert over je fysieke omgeving. Het emotionele lichaam communiceert over emoties. En je astrale lichaam communiceert over het universum, grote veranderingen, spirituele ontwikkelingen en gevoelens. Maar niet over fysiek werk. Dat is voor hen niet belangrijk. Je kunt ervoor kiezen om daar met je telepathie verbinding mee te maken. Je kunt ervoor kiezen om over die dingen te communiceren. Maar het komt voort uit je fysieke gedachte die in het astrale lichaam of in de astrale wereld wordt ingebracht. Dat gebeurt niet zonder dat je je ervan bewust bent. Als het zonder je bewustzijn gebeurt, wordt geen fysiek probleem opgelost.
Vraag: Dus het astrale lichaam opereert altijd of bijna altijd op een veel grotere schaal dan de Aarde.
Ja. Het is je hogere zelf, weet je. Jij bent het nog steeds, maar het is groter dan jij. Het is groter dan je fysieke zelf. Hetzelfde geldt voor de Aarde. Jullie hebben jullie fysieke Aarde en jullie hebben jullie astrale Aarde. Het is allemaal verschillend, verschillende lagen van hetzelfde.
Vraag: De astrale lichamen van mensen, zijn die al veel meer met elkaar verbonden of zijn ze dat altijd al geweest?
Dat moet wel. Ze moeten heel sterk met elkaar verbonden zijn. Velen van ons zijn hetzelfde. Zoals ik: er is veel van mij op Aarde. Hetzelfde geldt voor mensen. We zijn dus allemaal heel sterk met elkaar verbonden, ook al zijn we ons daar niet van bewust. Maar ja, we zijn heel, heel, heel, heel sterk met elkaar verbonden.
Vraag: Mensen ervaren in hun menselijke leven vrij vaak veel stress. Het is erg moeilijk voor hen om te ontspannen, zoals je weet. Behalve proberen minder te doen, is er een soort perceptie of de manier waarop we dingen waarnemen of de manier waarop we over dingen denken, die we ook kunnen veranderen en die ons zou helpen om meer ontspannen te raken?
Mensen denken dat ze te belangrijk zijn. Dat moeten ze loslaten. Mensen zijn niet zo belangrijk als ze denken dat ze zijn. Hun werk is niet zo belangrijk als ze denken dat het is. Ze leggen zichzelf zonder reden veel druk op, omdat ze denken dat ze belangrijk zijn. En dat is niet zo. Als ze dat loslaten, zullen ze geen stress meer hebben. Ze kunnen gewoon hun dag doorkomen en dan gaat het goed met ze. Maar ze denken dat ze dit moeten doen, dat ze dat moeten doen… Maar dat maakt niet uit. Het is niet belangrijk. Dus zij moeten zich dat realiseren. Jij kunt er niets aan doen om ermee te helpen. Als je stopt met werken, zal je je nog steeds belangrijk voelen. En zolang je dat doet, maakt het niet uit of je werkt of niet. Er verandert niets.
Vraag: We denken inderdaad dat we veel moeten doen. We denken dat het moet. En al die informatie die via de digitale technologie op ons afkomt, lijkt die stresssituatie alleen maar te verergeren. Het zorgt voor nog meer stress.
Ja, mensen vergelijken zich nu met anderen en dat is gevaarlijk. Als je iemand anders ziet, denk je dat die het beter doet. En je voelt dat je het beter moet doen, dus leg je meer druk op jezelf. Dat is niet goed.
Vraag: De technologie die we hebben, is het ook mogelijk dat die ons uiteindelijk kan helpen een veel rustiger leven te leiden? Of moeten we daarvoor echt meer in contact komen met de natuur?
De natuur helpt. De natuur helpt veel mensen om tot rust te komen en weer bij zichzelf te raken. Het is geen ‘must’. Ze hoeven het niet te doen, maar het kan helpen. Het is een hulpmiddel, net als andere dingen die we hen aanbieden. Het zijn allemaal hulpmiddelen die je kunt gebruiken om te helpen.
Vraag: Is de planeet, zoals ze nu op fysiek niveau is, in staat om al het chemische afval en de verstoring van de natuur te verdragen? Is ze in staat om dat te verdragen en zoveel natuur in leven te houden? Hoe ernstig is de situatie?
Ja. Als ze dat niet kon, zou ze er niet zijn. Ze is ertoe in staat. Ze is er heel goed toe in staat. Mensen weten dat niet van haar, maar ze is heel sterk. En ze heeft een beschermende laag. Dus alleen de buitenste laag raakt beschadigd. En daar kan ze wel tegen, want in haar kern is ze echt sterk. Dus alle fysieke schade die mensen aanrichten met chemicaliën, het kappen van bomen en tractoren, is voor haar onbeduidend. Ze maakt zich daar geen zorgen over. Ze heeft genoeg goeds. Het gaat goed met haar. We hoeven ons niet zo veel zorgen te maken. We maken ons te veel zorgen om de Aarde. Ze kan het wel aan. Ze redt zich wel. We moeten ons meer zorgen maken om onszelf.
Vraag: Ik heb gehoord dat kinderen die nu in deze wereld worden geboren een veel sterkere verbinding hebben met hun innerlijke en hogere zelf dan vroeger. Weet je daar iets van? Kun je hier iets over vertellen?
O ja, het is prachtig. Dit is wat we wilden. We willen dat mensen verbonden zijn, en nu zijn ze dat al op jongere leeftijd. Kijk eens naar jullie, jullie zijn ermee bezig. Maar deze kinderen hoeven dat niet te doen, ze zijn het gewoon. Ze hoeven zich geen zorgen te maken over deze dingen. Ze weten hoe ze hun leven moeten leiden zoals het hoort. En dat is genoeg. Ze zijn in staat zich geen zorgen te maken over dingen die onbelangrijk zijn. Ze geven prioriteit aan dingen die belangrijk zijn en negeren dingen die dat niet zijn. Sommige mensen hebben daar moeite mee. Ze zien deze kinderen en zeggen dat ze lui zijn omdat ze andere keuzes maken. Deze andere keuzes zijn goed. Het zijn de juiste keuzes voor hen, net zoals de keuzes van andere generaties dat voor hen waren. Ze hebben allemaal de keuzes gemaakt die op dat moment voor hen juist waren, en dat verandert. Het is dus goed om te zien hoe deze kinderen naar voren treden, het licht in. Ze zijn wie ze bedoeld zijn te zijn. Ze zijn goed.
Vraag: Dat is heel interessant, want ik hoor over deze jongere mensen en ik zie dat ze op een ander niveau werken. Ik zie dat ze stiller zijn. Ze maken zich niet zo druk om van alles: „Dit moet gedaan worden, dat …“ Nee, ze doen het gewoon niet. Ze blijven veel meer op zichzelf.
Ja, ze staan in verbinding met zichzelf. Nog niet zo sterk als andere mensen – dat komt nog wel. Maar ze zijn meer met zichzelf verbonden dan eerdere generaties.
Vraag: Maar als dat zo is, dan zou er vrij snel een verandering in de manier van leven kunnen plaatsvinden, als kinderen in staat zijn om deze verbinding te behouden en deze nieuwe energie binnen te brengen?
Ja. Ik denk dat de Aarde er over tien jaar heel anders uit zal zien, wat betreft hoe mensen zich gedragen, bedoel ik.
Vraag: Kan de website die Gemma maakt voor ‘Animal Interview’, kan die haar ook helpen om opener te zijn?
Nee, dat heeft ze niet nodig. Ze moet in haar leven open zijn tegenover de mensen om haar heen. De website zal daar niets aan veranderen, want het is niet haar website. Het is onze website. Het is Ollie’s website. Dat is wat belangrijk is. Er hoeft geen persoon aan verbonden te zijn. Het is van mij. Het is van ons allemaal.
Vraag: Op dit moment zou ik graag jouw advies willen, als je me dat kunt geven, als je dat wilt, want we hebben nog drie andere interviews gehad. En ik maakte me een beetje zorgen dat ze niet op internet verschenen. Ik heb ze op mijn eigen website gepubliceerd. Maar de bedoeling is dat ze op de website Animal Interview verschijnen. Wat vind je daarvan? Is het een goed idee dat ik dit op mijn eigen website doe, zolang ze niet op de andere website staan? Of kun je me zeggen dat ik dat niet hoef te doen, omdat ze vanzelf langzaam op de Animal Interview-website zullen verschijnen?
Ze zullen langzaam verschijnen, maar het is geweldig dat ze al in de wereld zijn.
Vraag: Oké.
Ik ben blij dat te horen, maar het komt wel. Ik heb er vertrouwen in. Je bent ermee bezig. Dat is prima. Dat is genoeg.
Vraag: Dank je wel. Dus ik kan hiermee doorgaan?
Ja, graag.
Vraag: Dank je wel. Ik heb gehoord, Ollie, dat in de toekomst de planeet waarop mensen leven en de planeet waarop de meeste dieren leven niet meer dezelfde planeet zal zijn. Weet jij hier iets van?
Daar weet ik niets van. Ik leef in het nu. Ik weet niets van de toekomst. Dat ligt te ver van mij af. Ik heb mijn leven geleefd. Mijn geest heeft geleefd. Dus ik weet van het verleden en ik weet van het nu. Maar ik sta niet hoog genoeg om iets te weten over de toekomst en de plannen. Ja, er zullen plannen zijn. Er zijn geesten – bij gebrek aan een betere term – die plannen maken. Maar daar maak ik geen deel van uit. Dat ligt op een hoger niveau.
Vraag: Ollie, we hebben een paar oorlogen gehad, nogal wat oorlogen, en er werden ook massaal katten opgegeten. Hoe is dit geweest voor de kattenwereld, als ik dat mag vragen?
Dat is niet belangrijk. De oorlogen zijn niet belangrijk voor ons. We zijn hier om ons werk als geheel te doen. En we zijn hier om de mensen te helpen. En als we de mensen op die manier moeten helpen, dan is dat hoe we de mensen helpen.
Vraag: Oké, dank je wel.
We hebben niet dezelfde emotionele band daar als jullie. Mensen zijn hier emotioneel over, wij niet. Voor ons is het een feit.
Vraag: Ollie, hartelijk dank voor dit interview. Ik zal, samen met Gemma, proberen om jou of een ander dier eens in de drie weken of zo te interviewen. Ik dank je hartelijk voor dit gesprek. Is er nog iets dat je op dit moment zou willen toevoegen?
Nee, dit is goed. Bedankt voor je werk.
Vraag: Hartelijk dank.

